Blog2Blog Maak je eigen Blog2Blog | Gratis je eigen blog c.q weblog op internet
Peble in tha house!
Peble in tha house!

Algemen wandeling Plasmolen

Posted in Geen categorie

Extra info!

 

In het uiterste puntje van Noord-Limburg, op een reeks stuwwallen die van Nijmegen Duitsland inloopt, ligt de Sint-Jansberg. Opmerkelijk aan dit tot 79 meter hoge natuurgebied van Natuurmonumenten zijn de bronbeekjes die langs de steile flanken het Maasdal in lopen en de gevarieerdheid van de bossen die zich op de voedselrijke hellingen hebben ontwikkeld. Het beheer is erop gericht om deze variatie nog verder uit te breiden. De enorme afwisseling zorgt ervoor dat een groot aantal planten en dieren zich thuis voelt op de Sint-Jansberg. De dassendichtheid is bijzonder hoog en zeker vier soorten roofvogels en drie soorten uilen vinden broedgelegenheid in de hellingbossen. Zelfs de oehoe komt af en toe een kijkje nemen bij deze bijzondere berg.

 

Het gebied is een onderdeel van een complex stuwwallen (tussen Nijmegen, Gennep en Kleef).  Het is  ontstaan tijdens de voorlaatste ijstijd. Oorspronkelijk had de stuwwal een hoogte van 200 meter maar door erosie is deze afgesleten tot een zeventig meter hoge rug. Zand, grind en soms loss met klei-, en leemlagen zijn de bestanddelen van de bodem. De ondoorlaatbare klei- en leemlagen laten het water moeilijk in de ondergrond wegzakken. Na hevige regens kan het daarom erg modderig worden.

 

 

Punt 1 -> Molengat

 

We beginnen onze wandeling bij de plaats waar de Helbeek door een molensteen stroomt. Deze en de andere beekjes van de Sint-Jansberg ontspringen uit bronnen. Ze voeren een bijna constante hoeveelheid kraakhelder water af.

 

 

 

Punt 2 -> De beek!

 

Aan de voet van de helling, aan de kant van plasmolen ligt een moerassige laagte. Er zijn veel steile hellingen hier, daarom een groot verschil tussen droog en nat. Om verdroging van het gebied tegen te gaan, proberen ze het water in de beekjes te houden.

 

Aan de helling aan de linkerzijde kan je tekenen zien van Creep, het langzaam zakken van de bovenste laag van de grondlaag. Hoe kan je dat zien? (Aan de bomen, grond in het water en de wortels van grassen)

 

Ook is de overheid bezig met een vernattingmaatregel voor het moerasgebied wat je hier rechts onder je ziet. Je kan daar duidelijk zien dat het nat is ook met droog weer. Het is een groot veengebied, waardoor het water niet zomaar wegloopt. Het meeste water van deze vennetjes is afkomstig van de regen die afstroomt via de hellingen of via kwel vanuit de helling. Wat is het verschil tussen regenwater over het oppervlakte en kwelwater?

 

-          We lopen hier nou al een tijdje langs dit pad. Soms zie je houtenbalkjes aan de kant van de beek langs het pad en soms aan de kant van de helling? Waarom zitten deze balkjes daar? (langs de helling, het pad vast te houden. Langs het water, de beek tegenhouden, gelden als stootoever)

 

Tegen het einde van dit pad langs het beekje kan je goed de stromingsribbels zien in het water, ook is duidelijk te zien dat het water kraakhelder is, zoals dat eerder al is vernoemd. Hier is een goede gelegenheid om de principes van stootoever, glij oever, binnen en buitenbocht nog eens te herhalen! Kijk maar in de bocht, voor het bruggetje over de beek!

 

 

Punt 3 -> Stenen sluisje

 

We lopen hier een V-dal in, deze is uitgesneden door deze stroom die hier rechts helemaal loopt. Eerst liep deze stroom verder naar links? Hoe kan je dat zien? (omdat het daar al een U-dal is, dus daar heeft al water gelopen) Er staat aan het begin van deze wandeling een oude molen. De molen was tot 1860 in gebruik om papier te maken. Daarna is hij als graanmolen gebruikt, tot verwoestingen tijdens de Tweede Wereldoorlog ook daar een einde aan maakten. Er zijn plannen om de watermolen en de oude waterlopen te herstellen. Als de molen moest werken liet men het water via het vierkante stenen sluisje naar beneden storten. Het water liep dan rechts door het bos naar de molen. Deze sluisjes kun je hier zien! Grote delen van dit gebied zijn afgeschermd, om de natuur te beschermen maar ook om de das en andere dieren de kans te geven om zich verder te ontplooien in dit gebied.

 

 

Punt 4 -> Bron

 

Boven aangekomen bij de trap, sta je bijna op de 67m hoge Maartensberg, de top ligt net voor de boerderij. We lopen via de trap en niet via de holle weg hier links omdat we de natuur willen beschermen. Er wordt hier heel veel gelopen door kinderen die veel terugschreidende erosie veroorzaken (kijk maar langs de hellingen van deze holle weg, allemaal voetsporen en glij sporen meer van kinderen), doordat veel kinderen dit doen, gaat de natuur een stuk sneller kapot dan het in de natuur zou doen. Dus wij willen daar niet aan mee werken! Vandaar dat we via deze trap bovenlangs gaan.

 

Iets voorbij de trap kun je rechts een poeltje ontdekken. Het is een oude drinkput voor het vee en de mensen die hier vroeger woonden. De stenen bak waarin het opkwellende bronwater wordt vastgehouden is nu vooral in trek bij kikkers en salamanders om hun eieren in te leggen. Hier begint een holle weg. De weg is zo hol uitgesleten door de schurende werking van smeltwater en regen. Ook hier kan je terugschreidende erosie zien. Wat is dat nou precies? Leg dat maar uit!

 

 

Extra info!

 

Als je hier zo loopt is het bijna onvoorstelbaar dat deze hellingen twee eeuwen geleden nog grotendeels bedekt waren met heidestruiken. Het bos verscheen pas toen de heide niet meer gebruikt werd om schapen te hoeden. Deze helling lijkt min of meer aan zijn lot overgelaten te zijn. Er heeft zich een vrij natuurlijk bos ontwikkeld met boomsoorten als eik, beuk, haagbeuk en zoete kers. De omgevallen of gezaagde bomen blijven liggen om de natuur de kans te geven om verder te ontwikkelen. In dit zelfde bos staan veel naaldbomen, omdat er maar weinig planten en dieren in deze voor de houtproductie aangeplante naaldbossen leven vormt Natuurmonumenten ze om naar meer natuurlijke bossen. Daarvoor zijn in het dichte naaldbos kaalkapjes van 30 bij 30 meter uitgehakt. Aan de vele frisgroene varens en jonge loofboompjes is te zien hoe snel de natuur van deze open plekken profiteert. Op de grotere plantenrijkdom komen weer allerlei insecten, vogels en zoogdieren af.

 

 

 

Punt 5 -> Uitkijkpunt

 

Op de top van de 79 meter hoge Kiekberg (deze staat achter ons in het bos) stond tot ongeveer 1970 een brandtoren. Daarvandaan kon men over de bomen uitkijken en het hele gebied afspeuren naar een rookwolkje. Voor een mooi uitzicht moet u nog even verder lopen naar de rand van het bosgebied. Daar heb je eerst zicht op de beboste heuvels van het Duitse Reichswald en iets verder op het Nederlandse dorpje Groesbeek.

 

Hier is goed te zien hoe groot het bosgebied van de stuwwallen wel niet is. Op de kaart kan je zien, dat het een groot hoefijzer is.  Rechts van ons kan je in de verte het bos bij Milsbeek zien, daar kan je de brandtoren van Milsbeek zien die hoog boven het bos uittorent. Zo’n zelfde toren heeft hier ook gestaan. Deze torens zijn hard nodig, want alleen in de afgelopen twee jaar is de Mookerheide al 2 keer afgebrand.

 

Zie je de antenne hiervoor? Die boven de bomen uitsteekt. Deze antenne is ong 25m hoog. Doe hier nog 300m bovenop! Ong. 3 voetbalvelden dus! Zo hoog lag het ijs hier in de ijstijd. Dit ijs heeft heel veel materiaal omhoog gestuwd. Zoveel dat deze stuwwallen wel een hoogte hadden van 200m, maar door de erosie zijn ze nu nog maar op deze locatie 70m. Het ijs is tot ongeveer hier gekomen waar we nu staan. Overal waar je nu kijkt, lag ijs… probeer dat maar eens voor te stellen! Overal een grote muur ijs, zo hoog als drie voetbalvelden.

 

 

 

Punt 6 -> waterscheiding

 

Na een stukje langs een braakliggend stukje grond te hebben gelopen lopen we nu eindelijk op de waterscheiding. Je kan de waterscheiding volgen door eerst een stuk van de weg te volgen en dan rechts af te buigen met de rug van de heuvel mee richting de boerderij die je daar linksachter ziet liggen. Dit is de waterscheiding tussen de rivier de Waal en de rivier de Maas. Al het water dat rechts van dit pad valt gaat richting de waal en de andere kant gaat alles naar de maas.

 

We blijven een stuk op de waterscheiding lopen totdat hij rechts afbuigt richting de boerderij. Nog steeds kan je rechts jezelf voorstellen dat daar ijs ligt van drie voetbalvelden hoog.

 

 

Punt 7 -> Zevendal

 

Het Zevendal is in de voorlaatste ijstijd uitgesleten door het smeltwater dat van de gletsjers afkolkte. Nog steeds stroomt er aardig wat water door het dal na een flinke regenbui. In de graslanden leven veel regenwormen. ’s Avonds komen er dan ook geregeld dassen naar het Zevendal om zich vol te eten. Behalve voor de dassen houdt Natuurmonumenten de weilanden in stand omdat het landschappelijk bijzonder fraai is, vooral in het voorjaar als de houtwal in het midden een breed wit lint vormt van bloeiende meidoorns, sleedoorns en zoete kersen.

 

16:06 - 2/10/2007 - comments {0} - post comment


Description

Home
User Profile
Archives
Friends
Recent Entries
- Algemen wandeling Plasmolen